| Wat kunnen we leren van de Christusdag? |
|
|
|
|
Hoe gebed een volk kan veranderen. Gebed verbindt mensen dwars door grenzen heen. Oktober vorig jaar was een Nederlandse delegatie op uitnodiging te gast op de ‘Kristus-päivä’ in de Finse havenstad Turku. Ruim een half jaar later zijn de initiatiefnemers van de Christusdagen uit Finland (’08) en Zwitserland (‘04) op uitnodiging van Agapè en de EA naar Nederland gekomen. Op 19 juni was een consultatie gearrangeerd met een dertigtal gebedsleiders uit Nederland om samen van gedachten te wisselen over wat wij in ons land van dit gebedsevenement kunnen leren. Hanspeter Nüesch, directeur van Agapè-Zwitserland stond uitgebreid stil bij het voortraject hoe de Christusdag uit de vriendschap van kerkelijke leiders was geboren. Hannu Hatanpää, een 28 jarige kerkelijk werker uit de Lutherse kerk in Turku, vertelde hoe een groep enthousiaste jongeren een visie kregen voor een landelijke Kristus-Päivä. En hoe de bevlogenheid van ‘Turku on Fire’ zich vanuit de kuststad over het hele land had verspreid. Inmiddels worden er voorbereidingen getroffen voor een ChristDay Baltic Region in 2011, als opmaat voor een Europese ChristDay in Parijs of Berlijn. Het unieke van deze interkerkelijke gebedsdag is de bijzondere combinatie van een viertal kenmerkende verbindingen: 1) een verzoeningstraject tussen kerken en bekrachtiging in gezamenlijke viering; 2) verbinding van een grote landelijke bijeenkomst en lokale gemeenschappen; 3) verbinding van jongere en oudere generaties; en 4) verbinding van een gebedsevent met de Grote opdracht. Al deze lijnen kwamen bij elkaar in het kruis van Christus. Dit werd op indrukwekkende wijze gesymboliseerd door vertegenwoordigers van alle dorpen en steden die met hun vlag het stadion in kwamen en samen een kruis vormden. Hierbij kwamen de voorgangers van een dertigtal denominaties op het podium om voor elkaar te bidden. Nüesch en Hatanpää waren zeer openhartig over zaken die ze achteraf liever ‘anders’ hadden gedaan: “Meer mensen in het organisatiecomité betrekken: zorg dat het niet een te klein clubje is die de kar trekt”. Niet alleen het vieren en bidden willen delen, maar ook de organisatie, visievorming en de organisatiestappen die daaraan vooraf gaan. ‘Gebedslanding’ in de Hollandse polder In beide verhalen waren er dingen, die ons als ‘nuchtere Hollanders’ bleken aan te spreken. In beide dagen stond Jezus helemaal centraal; de rest was bijzaak. Het is niet zo zeer een evenement dat draait om een aantrekkelijk programma of gezellig samen zijn. Het is een moedig getuigenis (tegen de stroom in!) van mensen uit alle dorpen en steden van het land die als een statement in het kruis gaan staan. De bezoekers kwamen uit alle kerken, regio’s en generaties en vormden een goede afspiegeling van de bevolking. Een van de aanwezigen - Robbert Jan Perk protestants predikant in Nijverdal - formuleerde het volgt: “Ik vond de consultatie hartverwarmend hoe daar zorgvuldig en betrokken is na gedacht werd over deze twee nationale gebedsinitiatieven uit Zwitserland en Finland. Mijn leerpunten zijn: De gezamenlijke zoektocht naar hoe we als gebedsbeweging ontdekken hoe de Here God ons verder brengt op deze weg. De verankering in de plaatselijke context van gemeenten en bidders, die zich geroepen weten tot lokale gebedsverantwoordelijkheid. Dat is voor mij echt duidelijk geworden, we hebben elkaar nodig in de gebedsbeweging, om de stem van de Heer te verstaan, om samen er ook in te bewegen, verantwoordelijkheid te nemen, maar ook om in onze gebeden in voor te gaan.” Wat kunnen we leren? De Christusdagen in beide landen waren geboren uit een unieke nationale roeping/openbaring en moeten we daarom in Nederland niet willen kopiëren. Wat kunnen wij rondom de genoemde verbindingspunten in Nederland leren van de Christusdag? Verbinden van kerken en denominaties: In beide landen was er geen ‘stappenplan’ voor interkerkelijke samenwerking. Wel een overeenkomstig verhaal van ‘vriendschap’ tussen kerkleiders die de basis werd voor een nationale verootmoediging. Kenmerkend van de beide gebedsdagen was dat alle kerkelijke denominaties ruimte en inbreng hadden om in hun eigen vorm een gebed uit te spreken. Zij stellen de Nederlandse kerken de vraag: Houden we echt van elkaar als broers en zussen? Koesteren wij onze charismatische en ‘traditionalistische vleugel’?! Verbinden van steden, dorpen en regio’s: Beide gebedsleiders hielden een inspirerend verhaal over hoe de Finse Christus-päivä en Zwitserse KristusTag een impuls heeft gegeven aan de locale missionaire presentie. Het vraagt wat van mensen om als ‘vertegenwoordiger van een stad of dorp’ mee te doen. Door dit commitment en de ontmoeting voor lokale vertegenwoordiging fungeerde de dag als katalysator voor gebed voor het land en eenheid van christenen en kerken. Nu vijf jaar later zijn 70% van alle vlaggendragers nog steeds in diverse gebedsnetwerken betrokken. Verbinden van oude en jongere generatie: Hierin zijn verschillende vormen mogelijk. In Finland lag het initiatief van de gebedsdag bij een groep jonge mensen die de dag samen met kerkleiders uit oudere generaties hebben opgezet. Op de vooravond van de Päivä was er een eigentijds jongerenprogramma georganiseerd. Verbinding van gebed met de Grote Opdracht Gebedseventen komen en gaan. Waar we naar zoeken is hoe we de kerken en gebedsbeweging kunnen helpen om hun roeping uit te leven in ons land. In Zwitserland was dat een netwerk van ‘huizen van gastvrijheid’. In Finland een netwerk waarbij voor elke inwoner van elk dorp en stad een voorbidder was. Ds. Perk: “Aan loze vroomheid heb je niks, je bent op je gebeden aanspreekbaar als het goed is. We mogen mensen zijn waar de daden en de woorden rijmen. Zijn we bereid om dat echt onder ogen te zien. Bidden maakt je bereid om de tweede mijl te gaan. Mag de Here God inderdaad ons leven op zijn kop zetten, als dat nodig is, om zo op een nieuwe levende manier getuige van zijn Zoon Jezus Christus te zijn? Laten we ons er naar uitstrekken dat we daarin steeds meer mensen uit een stuk zijn. Dan zal onze omgeving zien, merken hoe waar de werkelijkheid van het evangelie is.” Huiswerk! Tot besluit: wat nemen wij mee naar huis? Allereerst: gebed om Gods leiding; voor de vraag of we in Nederland ook een Christusdag nodig hebben. Maar ook over onze motieven en over ‘de weg van de Heer’. Werken aan eenheid impliceert ook samenbrengen en afstemmen van verschillende initiatieven in Nederland voor een landelijke verootmoedigingsdag (Nationale Synode, Call4all, en ‘Wij kiezen voor eenheid’). En koste wat kost voorkomen dat dit proces een eenzijdig ‘evangelisch feestje’ gaat worden. De consultatie werd besloten met het voornemen om na twee/drie maanden weer bij elkaar te komen om deze zaken te laten rijpen en de verworven inzichten met elkaar te delen. Met de opdracht om te benoemen wat ieders bijdrage hierin zou kunnen zijn. Want een Christusdag kan alleen iets worden als het complete Lichaam van Christus in beweging komt. Wim Althuis, EA-coördinator Gebed & Diaconaat
|




